Nieuwsbrief artikelen > Lees meer... Volkshuisvesting als exportproduct
Stichting Dutch International Guarantees for Housing viert 5-jarig bestaan


“Toen wij vijf jaar geleden de eerste lening afsloten, had ik niet kunnen bevroeden dat in 2008 35 garantiegevers, goed voor zo’n 30 miljoen, garant willen staan”, zegt Erik Beijer directeur van Stichting Dutch International Guarantees for Housing met gepaste trots op het vijf-jarige verjaardagsfeestje van DIGH. De eerste DIGH lening werd afgesloten nog vóór dat de MG 2005 bestond. Door het ondertekenen van de circulaire MG 2005-04 door de toenmalige minister van VROM, mevrouw Sybilla Dekker, kregen de Nederlandse corporaties drie jaar geleden meer de vrije hand om projecten in het buitenland te ondersteunen. Zelf bouwen mag tot op heden niet maar het is wel toegestaan om kennis ter beschikking te stellen en in beperkte mate donaties en garantstellingen te verlenen.
Erik Beijer schetst de beginperiode als moeizaam en ingewikkeld. “Ieder projectje werd apart met VROM geregeld. Pas de laatste 3 jaar gaat het hard, al is het nog steeds niet makkelijk om een voet tussen de deur te krijgen bij corporaties om hen te interesseren voor een garantstelling. Ik vermoed dat in de corporatiewereld nog niet genoeg bekend is dat een garantiestelling niet ten koste gaat van de eigen doelgroepen van de corporatie, en de waarde van de garantie blijft gewoon op de balans van de corporatie staan”. Bovendien, benadrukt Erik Beijer nog maar eens, in de vijf jaar dat wij bestaan is er nog nooit 1 garantie aangesproken. De enige keer dat het mis dreigde te gaan, hebben wij in goed overleg met de lokale organisatie ervoor gezorgd dat een gedeelte van de woningen is verkocht om de organisatie weer financieel gezond te krijgen”.
Ook de werkwijze van DIGH is tamelijk onbekend in corporatieland. Deze komt er in het kort op neer dat DIGH kleinere pilotprojecten financiert op basis van garanties van Nederlandse corporaties met als doel dat in tweede instantie lokale banken en andere partijen instappen. DIGH heeft dus een aanjaagfunctie. Erik Beijer: “Al met een paar ton kunnen we een klein pilotprojcect neerzetten om te laten zien dat het werkt”.

Habitat for Humanity
Lucija Popovska van het regiokantoor Habitat for Humanity in Bratislava Slowakije, één van de samenwerkingspartners van DIGH, heeft de afgelopen jaren van dichtbij meegemaakt hoe de DIGH werkwijze kan werken. “Erik Beijer heeft ons een aantal jaren geleden op zo’n typische Hollandse nuchtere manier van de DIGH aanpak overtuigd. En de impact hiervan werkt als een multiplier op de fundraising! Onze projecten, die wij dankzij DIGH hebben kunnen realiseren, trokken weer nieuw geld aan: Money makes Money”.
Habitat for Humanity is een christelijke organisatie voor Poverty Housing en één van de grootste real estaters in de wereld. Sinds 1976 heeft de organisatie in 90 landen wereldwijd 250.000 huizen gebouwd, waardoor voor 1 miljoen ontheemden en daklozen een dak boven het hoofd werd gerealiseerd. DIGH heeft samen met Habitat for Humanity samengewerkt in Roemenië, Macedonië en Armenië. Ter plaatse regelt Habitat for Humanity de contacten met de lokale organisaties, begeleidt de bouw , de organisatieopzet en het financieel management. Door de samenwerking met DIGH is er in totaal 10 miljoen dollar beschikbaar gekomen waardoor 10.000 families in het bezit zijn gekomen van een beter huis.

Boter, kaas en huisvesting als exportproduct?

Ruim 70 corporaties zijn nu op enigerlei wijze actief over de grens, sinds de MG 2005 werd ondertekend door de toenmalige minister van VROM, Sybilla Dekker. Is Volkshuisvesting als exportproduct, via de garantiestelling van DIGH, een goede zaak?

Karo van Dongen, directeur Woningcorporatie Woonstichting Etten-Leur staat een beetje sceptisch tegenover projecten over de grens: “Omdat het mij teveel is omgeven met een zweem van een leuke hobby voor corporatiedirecteuren. Wij zijn overigens wel in gesprek met DIGH, maar ik vind het heel belangrijk dat er voor ons een duidelijke aanleiding is voor een eventuele garantstelling. Ook vind ik het noodzakelijk dat mijn huurders er achter staan, zodat zij zich niet op wat voor manier dan ook achtergesteld voelen”.
Paulus Jansen, woordvoerder in de Tweede kamer voor onder andere de terreinen Volkshuisvesting en Energie, deelt de scepsis van Karo van Dongen: “De SP is voorstander van praktisch idealisme maar op dit moment vind ik zo’n garantiestelling teveel een excuusbezigheid. Zorg eerst dat je als corporatie je eigen zaken op orde hebt, voordat de scheve situatie ontstaat dat je huurders gaan klagen omdat hun kraan nog steeds lekt, terwijl de corporatie daar geen tijd voor heeft maar wel voor leuke buitenlandprojectjes. Trouwens, wij drijven in Nederland steeds verder af van het oorspronkelijke idealisme dat ten grondslag ligt aan de sociale huursector. Corporaties worden als commerciële bedrijven benaderd. Waarom zouden we het buitenland laten profiteren van de kennis die wij hier afbouwen?”.
Bas Jan van Bochove, woordvoerder van het CDA voor onder andere de terreinen Wonen en Ruimtelijke Ordening: “Ik vind dat we uit solidariteit juist anderen over de hele wereld van onze kennis moeten laten profiteren. Volkshuisvesting is een belangrijk onderdeel van onze emancipatiegeschiedenis geweest, in allerlei delen van de wereld moet dit nog worden opgebouwd.”.
Caroline Sijtsma, senior Manager Allianties van Woningcorporatie Het Oosten, ondersteunt met de gemeente Amsterdam en drie andere corporaties sociale woningbouw in Suriname waaronder koop- en huurwoningen voor Surinaamse remigranten uit Amsterdam. “Wij, en trouwens ook onze huurders die wij vanaf het begin af aan hebben betrokken bij ons plan om garant te willen staan, zijn bijzonder trots om op deze manier actief te zijn! Voor ons was er natuurlijk ook meteen al een heel duidelijke aanleiding om een garantiestelling voor projecten in Suriname te starten omdat een groot deel van onze huurders afkomstig is uit deze regio”.
Victor Schaap, hoofd afdeling corporaties bij VROM voor WWI, ziet graag een kapitaalinjectie voor de Nederlandse Antillen omdat het daar broodnodig is, zoals hij met eigen ogen heeft mogen aanschouwen op Sint-Maarten waar 1/3 van de bevolking in shanty towns leeft en er geen goede waterleiding en riolering aanwezig is. In de nieuwste circulaire van het ministerie van VROM (MG 2008-03) voor WWI blijkt dat het werkgebied van de corporaties op de Nederlandse Antillen wordt uitgebreid met de BES-eilanden (Bonaire, Sint-Eustatius en Saba).

De meningen liggen verdeeld deze middag. Een positieve en verrassende afsluiting was in ieder geval wel dat Paulus Jansen van de SP, zijn aanvankelijke terughoudendheid laat varen en welwillend staat tegenover een verruiming van het huidige percentage waar Woningcorporaties wettelijk garant voor mogen staan. “Want wat is nu eigenlijk 0,03 procent”.


print deze pagina
Disclaimer | Copyright DIGH NL 2007 - 2009